HERVORMDE KERK HAASTRECHT

LITURGIE

 

 

Tekstvak: 

Orde van dienst
voor de viering op zondag 25 juli 2021
Samen op Weg viering om 10.00 uur


Voorganger: ds. Ad Alblas uit Oegstgeest
Ouderling van dienst: Caty van Dijk
Diaken: Esther Siebert
Organist: Bas Verboom
Lector: Joke de Weger
Koster: Annie van Straaten
Kindernevendienst: Ingrid Rietveld

Tijdens orgelspel bereiden we ons in stilte voor op de dienst. 

Er is geen samenzang tijdens de dienst

De liederen worden gezongen door een kleine zanggroep. 

De organist is gericht op het begeleiden van de zanggroep daarom vragen we u (zonder geluid) de liederen te laten klinken in uw hoofd en de woorden te laten spreken in uw hart.

We gaan er van uit en vertrouwen er op dat iedereen onder de huidige omstandigheden daarvoor begrip kan opbrengen'.



Begroeting en Aanvangsgebed door ouderling van dienst

DIENST VAN DE VOORBEREIDING

De zanggroep zingt: Lied 276: 1+2

1.Zomaar een dak boven wat hoofden,
deur die naar stilte open staat.
Muren van huid, ramen als ogen,
speurend naar hoop en dageraad.
Huis dat een levend lichaam wordt
als wij er binnen gaan
om recht voor God te staan.


2.Woorden van ver, vallende sterren,
vonken verleden hier gezaaid.
Namen voor Hem, dromen, signalen
diep uit de wereld aangewaaid.
Monden van aarde horen en zien,
onthouden, spreken voort
Gods vrij en lichtend woord.

Votum en groet
v: Onder elk dak boven onze hoofden,                                                 
   zijn we verbonden, in ons speuren naar hoop en dageraad.
g: Onze hoop is op God, die heel het huis vervult.
v: We horen ‘woorden van ver’, die vrij maken.
g: We worden aan elkaar gegeven,  om te doen wat niet              kan. 
v: Niet verkillen zal zijn liefde, niet bezwijken zijn trouw. 
    In de naam de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
g: Amen.

De zanggroep zingt: Lied 276: 3

3.Tafel van Een, brood om te weten
dat wij elkaar gegeven zijn.
Wonder van God, mensen in vrede,
oud en vergeten nieuw geheim.
Breken en delen, zijn wat niet kan,
doen wat ondenkbaar is,
dood en verrijzenis.

Kyriegebeden, 
afgewisseld met een muzikaal Kyrie door de Zanggroep


Bemoediging

De zanggroep zingt: Lied 305

1. Alle eer en alle glorie
geldt de luisterrijke naam!
Vier de vrede die Hij heden
uitroept over ons bestaan.
Aangezicht / vol van licht,
zie ons vol ontferming aan!

2.Alle eer en alle glorie
geldt de Zoon, de erfgenaam!
Als genade die ons toekomt
is Hij onze nieuwe naam.
Licht uit licht, / vergezicht,
steek ons met uw stralen aan!

3.Alle eer en alle glorie
geldt de Geest die leven doet,
die de eenheid in ons ademt,
vlam, die ons vertrouwen voedt!
Levenszon, / liefdesbron,
maak de tongen los voorgoed!

Uitleg voor de kinderen

DIENST VAN HET WOORD

Gebed bij de opening van de Schriften

Toelichting op de lezingen

1e Schriftlezing: Deuteronomium 8: 2-5
Denk aan de tocht die de HEER, uw God, u door de woestijn heeft laten maken, veertig jaar lang. Hij wilde u zijn macht laten voelen en u op de proef stellen, om te ontdekken wat er in uw hart leefde: gehoorzaamheid aan zijn geboden of niet. U hébt zijn macht leren kennen: hij liet u honger lijden en gaf u toen manna te eten, voedsel dat u nooit eerder had gezien en uw voorouders evenmin. Zo maakte hij u duidelijk dat een mens niet leeft van brood alleen, maar van alles wat de mond van de HEER voortbrengt. Veertig jaar lang raakten uw kleren niet versleten en zwollen uw voeten niet op.  Laat ieder van u dan beseffen dat de HEER, uw God, u opvoedt zoals een vader zijn kind opvoedt.

De zanggroep zingt: Lied 105: 15+16

15. God gaf een wolk die hen geleidde,
een vuur in ’t duister aan hun zijde.
Zo trokken zij in vrede voort,
en steeds heeft God hun wens verhoord.
Hij zond hun kwakkels in de nood,
en uit de hemel hemels brood.

16. God laafde hen in dorre streken,
deed water uit de rotsen breken,
’t werd een rivier en stroomde voort,
want Hij gedacht zijn heilig woord,
de trouw die Hij had toegezegd
aan vader Abraham, zijn knecht.

2e Schriftlezing: Johannes 6: 1-15

Daarna ging Jezus naar de overkant van het Meer van Galilea (ook wel het Meer van Tiberias genoemd). 
Een grote menigte mensen volgde hem, omdat ze gezien hadden welke wondertekenen hij bij zieken deed. 
Jezus ging de berg op, en ging daar met zijn leerlingen zitten. Het was kort voor het Joodse pesachfeest.
Toen Jezus om zich heen keek en zag dat die menigte naar hem toe kwam, vroeg hij aan Filippus: ‘Waar kunnen we brood kopen om deze mensen te eten te geven?’ Hij vroeg dat om Filippus op de proef te stellen, want zelf wist hij al wat hij zou gaan doen. Filippus antwoordde: ‘Zelfs tweehonderd denarie zou niet voldoende zijn om iedereen een klein stukje brood te geven.’ Een van de leerlingen, Andreas, de broer van Simon Petrus, zei: 
‘Er is hier wel een jongen met vijf gerstebroden en twee vissen – maar wat hebben we daaraan voor zo veel mensen?’ Jezus zei: ‘Laat iedereen gaan zitten.’ Er was daar veel gras, en ze gingen zitten; er waren ongeveer vijfduizend mannen. Jezus nam de broden, sprak het dankgebed uit en verdeelde het brood onder de mensen die er zaten. Hij gaf hun ook vis, zo veel als ze wilden. Toen iedereen volop gegeten had zei hij tegen zijn leerlingen: ‘Verzamel nu de overgebleven stukken brood, zodat er niets verloren gaat.’ Dat deden ze en ze vulden twaalf manden met wat overgebleven was van de vijf gerstebroden die men had gegeten. Toen de mensen het wonderteken dat hij gedaan had zagen, zeiden ze: ‘Hij moet wel de profeet zijn die in de wereld zou komen.’ 
Jezus begreep dat ze hem wilden dwingen om mee te gaan en hem dan tot koning zouden uitroepen. Daarom trok hij zich terug op de berg, alleen.

De zanggroep zingt: Lied 383

1.Zeven was voldoende,
vijf en twee,
zeven was voldoende
voor vijfduizend
op de heuvels langs de zee.

2.Zeven is voldoende
toen en nu,
zeven is voldoende
alle dagen
van ons leven, dank zij U.

3.Zeven is voldoende,
brood en vis,
Jezus is voldoende
voor ons allen
als de kring gesloten is.

4.Voed ons met uw leven,
vis en brood,
alle zeven dagen,
Gij verzadigt
allen met uw offerdood.

5.Want Gij zijt de eerste
rond alom,
ja, Gij zijt de eerste
en de laatste,
kom, o Here Jezus – kom!
	
Uitleg en verkondiging

Orgelspel
De zanggroep zingt: Lied 991: 1+2+3+4

1.De eersten zijn de laatsten,
wie nakomt gaat voorop,
zij moeten zich niet haasten,
die leven van de hoop.

2.God moge ons behoeden,
wij zien elkander aan,
de broeder kent de broeder
als een die voor moet gaan.

3.Zo staat het voorgeschreven,
zo is het steeds voorzegd,
wie achter is gebleven
krijgt eerstgeboorterecht.

4.Het onderste komt boven,
de torens vallen om,
het woord is aan de doven,
de waarheid aan de droom.

DIENST VAN HET ANTWOORD

Dankgebed en voorbeden - Stilgebed – Onze Vader

afgewisseld met een muzikale acclamatie door de Zanggroep.



Slotlied Samenzang: Lied 150a

1.Geprezen zij God! Gij engelenkoor
dat steeds naar Hem hoort, prijs Hem om zijn Woord!
Gij hemelen, loof Hem wiens hand alles schiep,
die allen daarboven tot dankzegging riep.

2.Geprezen zij God! Gij allen op aard,
aanbid Hem die u als kinderen aanvaardt.
Loof Hem die uw Heer is met juichende stem.
Beantwoord zijn liefde: leef altijd voor Hem!

3.Geprezen zij God! Laat alles wat leeft
nu zingen voor Hem die alles ons geeft.
Laat jubelen het orgel, laat harp en trompet
de glorie doen klinken van Hem die ons redt.

4.Geprezen zij God! Ons lied is gewijd
aan Hem die altijd ons helpt en geleidt.
Om zijn goede schepping, om hemels genot,
zijn gunst en vergeving: geprezen zij God!



Voor het ontvangen van de zegen gaan we, als dat voor u ook mogelijk is, staan.

Zegen, beantwoord met gesproken Amen

Na de zegen gaan we zitten tot het orgelspel is beëindigd.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 


Home

Kerkdiensten

Kerkgebouw

Diaconie

Van Dam orgel

Actueel

Namen en Contact

Foto’s

Verhuur kerk

Jeugd